
Fietsen is hot. Mannen en vrouwen doen het. Samen of apart. Met of zonder geschoren benen. Met of zonder gestoef over gemiddelde snelheden. Voor de fun of voor de kick. Om te netwerken of om onderweg te zeveren. Of om ongemerkt op café te gaan. Wij deelden de amateurfietser in in tien categorieën. Zoek uw ploegmaat.
1. DE MANNELIJKE CLUBRENNER
Voor de mannelijke wielertoerist is zondagvoormiddag heilig. Het opgepoetste stalen ros moet van stal. 'Samen uit, samen thuis', dat is de ongeschreven wet van de traditionele, familiale wielertoeristenclub, al wordt die soms overtreden. Vaak zijn er binnen één club verscheidene categorieën die op zondag elk hun rit afwerken. De toppers strijden bij de A's, de B's rijden in een gelijkmatig tempo, de oudjes en de beginners peddelen bij de C's. De A's vlammen om het eerst de heuvel op en trekken aan het eind een spurtje naar een imaginaire eindstreep. Wie kan, traint - bij voorkeur ongemerkt - bij in de week, om te ontploffen in het weekend.
Aan het eind van het seizoen worden de prijzen verdeeld. Dirk, sinds achttien jaar wielertoerist: 'Voor de fanatieke clubrenner is de ultieme kick de andere te zien sterven in je wiel. Voor de start is hij vaak vals bescheiden, om zijn metgezellen zand in de ogen te strooien. Na de rit worden de prestaties bewierookt op café, waarbij de gemiddelde snelheden crescendo gaan bij elke nieuwe trappist.' Al bij al ongevaarlijk, soms milieuonvriendelijk, maar meestal leuk gezelschap.
TE HERKENNEN AAN:
Bontgekleurd kostuum met lokale sponsors, luidruchtige testosteronpraat en (soms) ongeschoren benen.
2. DE VROUWELIJKE CLUBRENNER
Bestond tot voor een paar jaar niet, maar duikt steeds vaker op. Soms rijdt de vrouwelijke clubrenner mee met de mannen, maar je ziet ook meer en meer vrouwenclubs, ladies only. Zoals het Red Girls Cycling Team uit Kruibeke, 26 dames sterk. Ze ontwierpen zelf hun outfits, zodat ze er een vrouwelijke toets aan konden geven. Veerle, medeoprichter: 'We zijn modebewust. De plaats van de logo's is belangrijk.' Voor de kenners: bij een vrouwenkoersbroek is het zeemvelletje in de broek dunner en het is ook aangepast aan de vrouwelijke noden.
Alle vrouwen zijn welkom bij de Red Girls, op voorwaarde dat ze een basisconditie hebben en niet met oma's fiets of een bakfiets afkomen. Ze rijden niet om het snelst maar voor de fun, en/of om hun figuur gestroomlijnd te houden. De strapatsen van hun wederhelften gaan vlot over de tong tijdens de rit. Veerle: 'We praten over koetjes en kalfjes, al wordt er soms ook flink doorgetrokken.'
TE HERKENNEN AAN:
Modieuze damesfiets, cocktail van zweet en parfum, (bij voorkeur) geschoren benen.
3. DE WOULD-BE RENNER
Probeerde het ooit in de jeugdreeksen maar mislukte, en/of droomt tegen beter weten in van eeuwige wielerroem, ook al heeft hij de kaap van de vijftig gerond. Is Tom Boonen of Philippe Gilbert in het diepst van zijn gedachten. In het weekend rijdt hij rondjes rond de kerktoren in wedstrijden die georganiseerd zijn door nevenbonden met welriekende namen als WAOD. Het prijzengeld en het aantal toeschouwers zijn miniem, de strijd is hevig. Wie met ongeschoren benen aan de start verschijnt, wordt weggelachen.
De would-be renner haalt vlotjes veertig gemiddeld, maar de tragiek, doping en valpartijen zijn nooit ver weg. Marnix (39) reed vijf jaar mee in zulke koersjes: 'Ik was verslaafd aan de kick van de snelheid. Tot ik zwaar gevallen ben en drie weken thuis zat. Toen kreeg ik de stille wenk van mijn vrouw om ermee te stoppen. En ja, er zijn er altijd die doping gebruiken, maar net zoals bij de profs hangt er een omerta rond.'
Sommige would-be renners trekken zelfs op stage naar Mallorca of Lanzarote, als voorbereiding op het wielerseizoen. Zonder vrouw. Slimme reisorganisatoren spelen er handig op in.
TE HERKENNEN AAN:
Camper (soms), ingevette wielerkuiten, geschoren benen.
4. DE NETWERKRENNER
Topmanagers, kaderleden en ondernemers, je ziet ze steeds meer over de Vlaamse heuvels en kasseistroken dokkeren. Of ze sluiten zich aan bij de Iron Managers, een sportclub voor managers en ondernemers. Ze beschikken meestal over meerdere fietsen en kijken niet op een euro of twee. Sommige netwerkrenners betalen gemakkelijk 4.000 euro voor een racefiets.
Hun drijfveren? Stoom afblazen, nieuwe ideeën opdoen, een lage doktersfactuur - fietsen is nu eenmaal gezond als je het op een weloverwogen manier aanpakt - en een mooi (zakelijk) vriendennetwerk. De econoom Geert Noels, een fervent amateurfietser, gelooft zelfs dat de fiets een sterker netwerk creëert dan golf. Een aantal onder hen legt de lat hoog, net als op de werkvloer. In managerstaal: ze verleggen hun grenzen. Op hun cv staan dan ook vaak wedstrijden zoals de Marmotte en de Dolomietenmarathon.
TE HERKENNEN AAN:
Stijlvolle racefiets(en), Algemeen Competitief Nederlands en meestal geschoren benen.
5. DE CAFERENNER
Wie 'wielertoerist' zegt, denkt er meteen het café en het bier bij. Maar de caférenner, die moeiteloos de kortste weg naar het café vindt, staat zwaar onder druk van de professionalisering van de amateurwielersport. Al bestaan ze gelukkig nog, de wielertoeristen die zondag om 9 uur vertrekken bij vrouwlief en ten laatste om 10 uur hun fiets parkeren in café Den Bonten Os of Het Rood Verzet. Om even van het gezeur thuis verlost te zijn, of om simpelweg 'onder de mensen' te zijn.
Ze houden niet van heuvels, een brug kan nog net. Hun snelheid op de fiets is afgebot, ze demarreren eerder met pinten en verhalen op sterkwater. Tegen de middag komt de finish in zicht en rijden ze lichtjes beneveld, en niet altijd via de kortste weg, terug naar hun vrouw. Daar wacht hen geen zegeruiker, maar een fikse sneer en het gezelschap van hun beste zondagnamiddagvriend: de fauteuil. Roland, caférenner met dertig jaar ervaring: 'Ik ben ooit eens tegen onze auto op de oprit gereden (lacht). Voorwiel paraplu, een geschaafd gezicht, een boze vrouw en een gedeukt zelfvertrouwen.'
TE HERKENNEN AAN:
De fiets tegen de cafégevel, een (beginnend) bierbuikje, flauwe moppen en ongeschoren benen.
6. DE START TO BIKE-RENNER
Het groentje dat onlangs zijn eerste koersfiets heeft gekocht, vaak onder druk van de vriendenkring. Is er zelf nog niet honderd procent van overtuigd of hij de fietsmicrobe te pakken heeft. De slimme Start to bike-renner koopt zich een fiets die niet te duur is, de domme laat zich in de luren leggen door de verkooppraatjes van een ondernemende fietsenmaker en koopt er meteen een dure, 'ademende' wieleruitrusting bij.
De Start to bike-renner durft aan een kruispunt simpelweg om te vallen met fiets en al, omdat hij niet tijdig uit de klikpedalen geraakt, en krijgt tijdens zijn eerste lange fietsrit bijna zeker een klop van de honger en de hamer. Hij groeit nadien meestal door tot clubrenner of degradeert tot caférenner.
TE HERKENNEN AAN:
De onhandige rijstijl, de gevallen fiets bij het kruispunt en (voorlopig) ongeschoren benen.
7. DE EENZAME RENNER
Zwerft het liefst op zijn eentje over de Oude Kwaremont en de Koppenberg. De natuur en Aeolus, de god van de wind, zijn zijn beste vrienden. Deze pedaleur, stilaan met uitsterven bedreigd, heeft kuiten van staal die geboetseerd zijn door het jarenlange gevecht tegen wind, regen en hagel. Hij houdt van lange duurtochten door berg en dal en heeft een hekel aan de categorieën 1, 3 en 8. Hij huivert van een fiets-gps en stippelt eigenzinnig zijn eigen route uit. Hij ziet wel wie en wat zijn pad kruist. De bestemming leidt alleen maar af van het doel: fietsen tot het snot hem uit de neus komt. Hij rijdt vaak op een ietwat aftands exemplaar, dat hij weliswaar goed onderhoudt, en zweert bij mueslikoeken, bananen en water als dorstlesser.
Gilles is een echte solist en maakt soms tochten van 250 kilometer in zijn dooie eentje. 'Aan gellekes, krachtrepen en ander trendy astronautenvoedsel heb ik een broertje dood. Het enige folieke dat ik me permitteer, is een simpele kilometerteller.' De eenzame fietser weet nog wat afzien betekent. Achteraf troost hij zich met hete waterstralen op de geteisterde kuiten.
TE HERKENNEN AAN:
De oudere fiets, gedemodeerde outfit, ongeschoren kuiten van staal.
8. DE MODIEUZE RENNER
De modieuze renner zie je anno 2012 slag om slinger opduiken. Deze kleine narcisuss kan urenlang door fietswinkels kuieren, kiest voor een dure designracefiets en dito uitrusting en wikt en weegt tot hij eindelijk de juiste kleur van sokken gevonden heeft. Voor hij op zijn stalen ros springt, kruipt hij eerst voor de spiegel. Hij laat zijn benen waxen, niet zozeer om sneller te rijden maar om mooier te ogen. De jus in de benen is meestal ondergeschikt aan de looks.
Modieuze renners zijn een goudmijn voor fietsmarketeers en eigenaars van fietswinkels. Met fietsen heeft het niet veel meer te maken. Jammer genoeg vonden we niemand die zich als modieuze renner wilde outen.
TE HERKENNEN AAN:
Blinkende fiets, hypermoderne outfit, kuiten van pap, eeuwige zonnebril en geschoren benen.
9. DE WOON-WERKRENNER
De woon-werkrenner verdient respect. Elke morgen fietst hij naar de werkplek, door weer en wind. Een lekke band herstelt hij met de ogen dicht. Hij heeft één grote natuurlijke vijand: Koning Auto. Slechts weinigen van hen zijn nog nooit van hun sokken gereden. Jean rijdt al twintig jaar van Aalst naar Brussel, zestig kilometer per dag: 'Ik heb twee keer in het ziekenhuis gelegen, met een gebroken heup en een gebroken sleutelbeen. Neem het van mij aan: wij zijn zwakke weggebruikers.'
Ook Kurt, die bijna dagelijks veertig kilometer rijdt, deelde al in de brokken. 'Maar wanneer ik op het werk aankom, voel ik me helemaal fit.' Inderdaad, wetenschappelijk onderzoek toont aan dat fietsende werknemers productiever zijn en nauwelijks ziektebriefjes verzamelen. Met de fietsvergoeding trappen ze een belastingvrij extraatje bij elkaar. En hoe meer woon-werkfietsers, hoe minder files en CO2-uitstoot. Een aantal bedrijven, zoals Colruyt, stelt intussen gratis bedrijfsfietsen ter beschikking.
TE HERKENNEN AAN:
Een licht op de fiets of op het hoofd, rugzak en ongeschoren benen.
10. DE WETENSCHAPPELIJKE RENNER
Ze kennen hun overslagpols, vetdrempel en VO2 max - de maximale hoeveelheid zuurstof die iemand per minuut kan opnemen - uit het hoofd, ze laten hun bloed eenmaal per jaar testen en houden alle ritten en kilometers minutieus bij in een Excel-document. Zonder gps gaan ze de straat niet op. De Britse denktank Demos heeft er zelfs een naam voor: professioneel amateurisme.
De technologie is de beste vriend van de wetenschappelijke renner. De hartslagmeter laat zien welke vooruitgang hij boekt. Met de smartphone kan hij zelf een cardiogram maken en zijn zweetsecretie in de gaten houden. Die apps meten en vergelijken je prestaties met anderen, en dat kan behoorlijk frustrerend zijn voor wie in of onder de middenmoot zit. Met andere woorden: het bevordert niet altijd het levensgeluk.
Dan zijn de caférenners misschien toch beter af: die houden enkel het aantal biertjes bij en delen dat feilloos door tweeën bij thuiskomst.
TE HERKENNEN AAN:
Fiets-gps, hartslagmeter, smartphone en geschoren benen.
en dan nu…
11. DE SALONCOUREUR
Fietst voor de fun en de conditie maar het geeft hem ook een kick een ‘renner’ te mogen spelen. Getooid in een semi-professionele outfit lijkt hij door zijn geschoren benen beter dan hij in werkelijkheid fietst en droomt dan ook vaak weg denkend aan zijn eigen fietsprestaties.
Alléén de baan op kost hem ongelooflijk veel moeite (en zeker als het weer wat regenachtig lijkt,blijft hij liever binnen) maar om in groep te gaan fietsen is geen enkel uur te vroeg en geen vriesweer te koud (zolang er maar kan nagekaart worden met een frisse pint). Stopt nooit om te terrassen onderweg, enkel de verkeersreglementen of pech onderweg brengen hem tot stilstand. Straf hé :-)
Rijdt éénmaal per jaar van ’t Kiel naar Middelkerke en geniet tenvolle van deze rit naar zijn ouders.
TE HERKENNEN AAN:
Modieuze doch simpele outfit, stijlvolle doch goedkope fiets en geschoren benen (om toch maar ‘nen echte’ te willen zijn)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten